Home / Column / Aan mijn collega’s uit de cockpit – ”Trots en dankbaar”

Aan mijn collega’s uit de cockpit – ”Trots en dankbaar”

Hier spreekt een stewardess. Een stewardess die trots is op haar baan en iedere vlucht zonder angst het vliegtuig in stapt. Ik heb geen angst dat het mis kan gaan. Ik heb geen angst dat we een technisch mankement krijgen in de lucht, tijdens take off of tijdens de landing. Ik heb geen angst dat ons toestel wordt overgenomen door terroristische strijders en we in een gebouw crashen. Ik heb geen angst dat we spoorloos verdwijnen van de radar en nooit meer worden terug gevonden. Ik heb geen angst dat we de lucht uit geschoten worden door één of andere gek. En ik heb al helemaal geen angst, dat één van onze mannen of vrouwen voorin de cockpit de beslissing voor mij neemt, dat mijn tijd is gekomen.

Ik weiger ook om met die angst een vliegtuig in te gaan. Ik schrik ontzettend van al het nieuws van de laatste dagen, weken, maanden en zelfs jaren. Natuurlijk is dat verschrikkelijk, ontzettend onnodig en te erg voor woorden. Ook ik ben er mee bezig. Ik lees de krant, ik kijk het nieuws, ik heb het erover met collega’s. Dat is mijn manier van dealen met de situatie. Net twee dagen na het verschrikkelijke incident met Germanwings, moest ook ik het vliegtuig weer instappen. Helemaal vanuit Kuala Lumpur terug naar Amsterdam. Bijna dertien uur in een vliegtuig.

Ook ik vlieg onderweg naar Amsterdam langs de rampplek van Malaysian Airlines. Ook ik vlieg terug met vier collega’s in de cockpit. Twee die ik al een paar dagen ken, en twee die ik net op dat moment pas leer kennen. Samen spreken we even over wat er gebeurd is met Germanwings. Dat doe je, want dat speelt in de bemanning. Dat is logisch. Er wordt gevraagd hoe wij ons voelen als cabine. Zij geven aan wat het met hen doet als cockpit. En dan is het klaar. Dan lopen we trots, 17 man sterk, over de luchthaven van Kuala Lumpur richting onze mooie Boeing 777 om naar huis te vliegen. Naar huis ja. En nergens anders heen.

En naar huis vliegen, dat is iets wat wij aan boord allemaal willen. Zowel de cabinecollega’s, als de collega’s in de cockpit. Ik heb, nog steeds, een blindelings vertrouwen in mijn collega’s voorin. Altijd gehad, en dat zal ik altijd hebben. Dat er één persoon is die zo geestesziek is, dat hij de beslissing heeft genomen om niet meer naar huis te gaan, en daar 149 onschuldige mensen in mee heeft genomen, is zijn keuze geweest. Een verschrikkelijke keuze, een onbegrijpelijke keuze. Maar ik weiger pertinent om mijn vertrouwen in de cockpit hierdoor in twijfel te laten trekken. Dat weiger ik en dat doe ik niet.

aanmijn

Ik weet dat de situatie nu zo is, dat ook ik straks in de cockpit moet gaan zitten zodra één van de twee vliegers even naar het toilet moet. Wat zal dat raar voelen. Niet alleen voor mij, maar ook voor die persoon die voorin zit. Ondanks het feit dat dit nu onze nieuwe standaard procedure wordt, voelt het toch raar, en daar kan ik niets aan doen. Dat is een gevoel, en dat is mijn gevoel.

Bij deze wil ik ook zeggen tegen mijn collega’s uit de cockpit; ik vertrouw jullie. Stuk voor stuk, allemaal. En dat zal ik blijven doen. Ik steek mijn handen voor jullie in het vuur dat jullie mij, mijn collega’s en alle passagiers altijd veilig van A naar B en terug zullen brengen. Altijd. En mocht ik straks inderdaad de cockpit in komen omdat jouw collega naar het toilet is, dan kom ik gezellig een kopje koffie drinken en praten we over onze mooie baan, over het leven, over alles. Net zoals we nu ook doen, vrijwillig. Zonder angst, zonder generaliseren, zonder naar onderbuikgevoel. Gewoon zoals we tot nu toe altijd gedaan hebben. Want we doen het met z’n allen, en dat is onze kracht.

Ik ben trots op onze mannen en vrouwen voorin. Trots en dankbaar. Laat zo’n geestesziek persoon alsjeblieft niemand het vertrouwen ontnemen in de kanjers die voorin zitten, bij welke maatschappij dan ook.

Cherish Hersbach

Link:
htpp://www.reizendoordewolken.nl