dinsdag , 11 december 2018

Een uur verder

0709 GMT – Vanuit Myanmar vliegen we het Chinese luchtruim binnen. We schakelen over van hoogtemeting in voeten naar meters. De corridor door de lucht ziet er op de kaart uit als een geknikte elleboog. Als je die hoek zou mogen afsnijden, had je zo tien minuten en duizend liter brandstof bespaard. Zo hebben ze wel meer van die luchtwegen in dit land, lijnen door iemand getrokken met een spastische hand.

Mijn collega moet een toiletbezoek maken en dus komt Selcuk, een steward, mij gezelschap houden. Ondertussen stampen we stevig in een snelstromende windrivier. Een straalstroom van bijna tweehonderd kilometer per uur op de staart blaast ons richting de Pacific en de Filipijnen.

Selcuk en ik wisselen onze lokale kennis uit over Manila. Die van mij is zeer beperkt, een Cubaanse salsa tent, een sleazy poolbar met ranzige, dikke West Europese mannen met veel te jonge vrouwen op schoot of misschien met mannen, die nog in de ombouw zijn. En een goed Thais restaurant. De steward kent elke hoek en elk gat van de stad met kennis opgebouwd toen men hier nog vijf dagen durende stops had.

De steward heeft wel zin in live salsa, maar we moeten alleen even uitvogelen of die band ook op zondagavond speelt. Ik heb er ook wel oren naar, ik word van weinig dingen zo vrolijk als live koperblazers, tetterend in een salsabandje. Niet dat ik qua dansen ook maar een kans maak met mijn vastgesoldeerde rug-bekken constructie, maar het blijft leuk.

Ondertussen is mijn collega terug en gaat de steward voor mij een dubbele espresso halen, die zijn zó lekker, daar loop ik op tijdens zo’n vlucht. Met de collega gaat het gesprek over de situatie bij onze werkgever. Toen men vorig jaar begon de rode cijfers in te duiken, stond ik verbijsterd te kijken hoe rigoureus men aan het bezuinigen sloeg. Dat zei ik ook tegen mijn collega. Van de een op de andere dag twee stuks cabinepersoneel minder op een vlucht en een van de twee Flying Chefs werd eruit gebonjourd. Op short haul verdween de kok helemaal. Stops op buitenstations werden terug gebracht tot 24 uur, het ging er heftig aan toe, razendsnel de tering naar de nering zetten. Heel andere koek dan het voorzichtige Nederlandse kaasschaafje.

“Maar wat vindt jij ervan Zyia?”

“Yesss, maybe in summer schedule we fly again with the whole fleet, inshallah.”  “You think we start showing better financial results?”

“ I euhhh, I think …”

Een uitgesponnen stilte. Ik wacht in spanning op wat voor kennis hij gaat debiteren. Hij frunnikt wat aan zijn snor. “I euhhh, I think … anything can happen.” BAM! Zeldzaam Nostradamus momentje.

Verlicht pak ik de microfoon en roep Guangzhou op. “Fly fy mile light of tlack.” Beveelt Guangzhou control.
Vliegen in China is soms net alsof je op de stoep moet rijden. Nu ook weer mogen we niet gewoon in het midden van de corridor vliegen, maar moeten we vijf mijl rechts van de standaard route vliegen. De baan voor de vrachtwagens zeg maar.

Gaandeweg zijn we de woeste windrivier uitgevlogen, een glad meer op. Het is afgelopen met het gehobbel en gestamp, heerlijk smooth glijden we door de lucht. We hebben de hele kromme luchtweg afgelegd, mijlen en mijlen omgevlogen, een kleine tienduizend liter kerosine verstookt, ik heb twee dubbele espresso’s op. 0809 GMT – We zijn weer een uur dichter bij Manila.

Herman Mateboer